Laag bijzonder tarief van toepassing op verkoop AB-aandelen wegens zakelijk belang

Vóór 1997 kende de wet op de inkomstenbelasting een regeling voor de inkomsten uit een aanmerkelijk belang, die beduidend anders is dan de huidige regeling. Onder de huidige regeling geldt zowel bij verkoop van de aandelen als voor de opbrengst van de aandelen het zelfde tarief van 25%. Onder de oude regeling gold alleen bij verkoop een bijzonder tarief van 20% en gold voor dividend het progressieve tarief. Bij inkoop van aandelen gold het hoge bijzondere tarief van 45%. Over de oude regeling is veel rechtspraak verschenen, met name over gevallen waarin de belastingdienst het 20% tarief niet wilde toepassen. In de onderhavige casus was in de loop van de jaren een ingewikkelde structuur ontstaan. 97% van de aandelen in een BV was in handen van een holding, die 5 aandeelhouders had. Ieder van die aandeelhouders had 20% van de aandelen. De aandeelhouders waren familie van elkaar. De resterende 3% van de aandelen was in het bezit van twee mensen, die ook aandeelhouder van de holding waren. Zij verkochten hun aandelen in de BV aan de holding. Over de opbrengst van de aandelen wilden zij het 20% tarief toepassen. De inspecteur weigerde dit wegens het ontbreken van een zakelijk belang bij de transactie. Het Hof vond dat er wel zakelijke belangen waren, namelijk de gelijke verdeling van het belang en de mogelijkheid om een fiscale eenheid tussen holding en BV aan te gaan. Daarom was het 20% tarief van toepassing op de verkoopwinst.
Vóór 1997 kende de wet op de inkomstenbelasting een regeling voor de inkomsten uit een aanmerkelijk belang, die beduidend anders is dan de huidige regeling. Onder de huidige regeling geldt zowel bij verkoop van de aandelen als voor de opbrengst van de aandelen het zelfde tarief van 25%. Onder de oude regeling gold alleen bij verkoop een bijzonder tarief van 20% en gold voor dividend het progressieve tarief. Bij inkoop van aandelen gold het hoge bijzondere tarief van 45%. Over de oude regeling is veel rechtspraak verschenen, met name over gevallen waarin de belastingdienst het 20% tarief niet wilde toepassen. In de onderhavige casus was in de loop van de jaren een ingewikkelde structuur ontstaan. 97% van de aandelen in een BV was in handen van een holding, die 5 aandeelhouders had. Ieder van die aandeelhouders had 20% van de aandelen. De aandeelhouders waren familie van elkaar. De resterende 3% van de aandelen was in het bezit van twee mensen, die ook aandeelhouder van de holding waren. Zij verkochten hun aandelen in de BV aan de holding. Over de opbrengst van de aandelen wilden zij het 20% tarief toepassen. De inspecteur weigerde dit wegens het ontbreken van een zakelijk belang bij de transactie. Het Hof vond dat er wel zakelijke belangen waren, namelijk de gelijke verdeling van het belang en de mogelijkheid om een fiscale eenheid tussen holding en BV aan te gaan. Daarom was het 20% tarief van toepassing op de verkoopwinst.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u