Kosten afvoer hemelwater mogen in rioolrecht worden begrepen
De gemeente Vught kende een Verordening rioolrecht 1996. Op grond daarvan werd een rioolrecht geheven van de gebruiker van een onroerende zaak van waaruit afvalwater op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De hoogte van het rioolrecht was afhankelijk van het aantal kubieke meters afvalwater dat werd afgevoerd. Daarvoor werd uitgegaan van het aantal kubieke meters water dat van het waterleidingbedrijf is afgenomen of dat is opgepompt. Voor hoeveelheden tot 300 m3 gold een vast bedrag van ƒ 83,28. Voor iedere volgende kubieke meter werd ƒ 0,86 extra in rekening gebracht. Een eigenaar van een onroerende zaak was van mening, dat de verordening van de gemeente onverbindend was. Hof Den Bosch deelde die opvatting niet. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof bevestigd. De gemeente heeft de grenzen van haar bevoegdheden niet overschreden door de kosten van de afvoer van regenwater te verhalen op de aanbieders van afvalwater naar rato van hun waterverbruik. Ook hoefde de gemeente de kosten van de afvoer van regenwater niet te elimineren uit de raming van de kosten van de riolering. De gemeente mag door middel van rioolrechten de aan het gemeentelijke rioleringsstelsel verbonden lasten verhalen op diegenen die daarvan gebruik maken of daarvan het genot hebben. De door de gemeente gehanteerde tariefstelling leidt niet tot een willekeurige of onredelijke belastingheffing. Volgens de Hoge Raad is er geen rechtsregel die voorschrijft dat het tarief gelijke tred zou moeten houden met de door de lozingen opgeroepen kosten.
De gemeente Vught kende een Verordening rioolrecht 1996. Op grond daarvan werd een rioolrecht geheven van de gebruiker van een onroerende zaak van waaruit afvalwater op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De hoogte van het rioolrecht was afhankelijk van het aantal kubieke meters afvalwater dat werd afgevoerd. Daarvoor werd uitgegaan van het aantal kubieke meters water dat van het waterleidingbedrijf is afgenomen of dat is opgepompt. Voor hoeveelheden tot 300 m3 gold een vast bedrag van ƒ 83,28. Voor iedere volgende kubieke meter werd ƒ 0,86 extra in rekening gebracht. Een eigenaar van een onroerende zaak was van mening, dat de verordening van de gemeente onverbindend was. Hof Den Bosch deelde die opvatting niet. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof bevestigd. De gemeente heeft de grenzen van haar bevoegdheden niet overschreden door de kosten van de afvoer van regenwater te verhalen op de aanbieders van afvalwater naar rato van hun waterverbruik. Ook hoefde de gemeente de kosten van de afvoer van regenwater niet te elimineren uit de raming van de kosten van de riolering. De gemeente mag door middel van rioolrechten de aan het gemeentelijke rioleringsstelsel verbonden lasten verhalen op diegenen die daarvan gebruik maken of daarvan het genot hebben. De door de gemeente gehanteerde tariefstelling leidt niet tot een willekeurige of onredelijke belastingheffing. Volgens de Hoge Raad is er geen rechtsregel die voorschrijft dat het tarief gelijke tred zou moeten houden met de door de lozingen opgeroepen kosten.