Kasopnames DGA geen loon
Bij een boekenonderzoek bij een BV werd vastgesteld dat de directeur in 2002 grote bedragen aan kasopnames had gedaan die in de administratie waren verantwoord als vrachtkosten. Ook werd in dat jaar aan de directeur een autokostenvergoeding betaald van € 50.000. De inspecteur merkte beide bedragen aan als loon van de directeur. In de procedure die volgde slaagde de inspecteur er niet in te bewijzen dat de kasopnames door de directeur als loon waren genoten. De betaling van de kosten met het opgenomen geld bleek uit de administratie van de BV. De directeur had deze stukken ter controle aan de inspecteur aangeboden, maar de inspecteur had deze niet geaccepteerd.
Ten aanzien van de autokostenvergoedingen kreeg de inspecteur wel gelijk. De bewijslast dat een betaalde vergoeding is vrijgesteld en geen loon vormt rustte in dit geval op de directeur. De in 2002 betaalde vergoedingen hadden betrekking op autokosten uit de jaren 1999 tot en met 2002. Het achteraf toekennen van een vergoeding voor kosten die zijn gemaakt in een eerder jaar heeft, behoudens uitzondering, tot gevolg dat de vergoeding belast is als loon. Het achteraf ontvangen van een vergoeding is zeer ongebruikelijk. In dit geval kon de directeur geen enkel inzicht verschaffen in de aard en omvang van de kosten. Dat gold niet alleen voor de verstreken jaren maar ook voor het jaar 2002.
Bij een boekenonderzoek bij een BV werd vastgesteld dat de directeur in 2002 grote bedragen aan kasopnames had gedaan die in de administratie waren verantwoord als vrachtkosten. Ook werd in dat jaar aan de directeur een autokostenvergoeding betaald van € 50.000. De inspecteur merkte beide bedragen aan als loon van de directeur. In de procedure die volgde slaagde de inspecteur er niet in te bewijzen dat de kasopnames door de directeur als loon waren genoten. De betaling van de kosten met het opgenomen geld bleek uit de administratie van de BV. De directeur had deze stukken ter controle aan de inspecteur aangeboden, maar de inspecteur had deze niet geaccepteerd.
Ten aanzien van de autokostenvergoedingen kreeg de inspecteur wel gelijk. De bewijslast dat een betaalde vergoeding is vrijgesteld en geen loon vormt rustte in dit geval op de directeur. De in 2002 betaalde vergoedingen hadden betrekking op autokosten uit de jaren 1999 tot en met 2002. Het achteraf toekennen van een vergoeding voor kosten die zijn gemaakt in een eerder jaar heeft, behoudens uitzondering, tot gevolg dat de vergoeding belast is als loon. Het achteraf ontvangen van een vergoeding is zeer ongebruikelijk. In dit geval kon de directeur geen enkel inzicht verschaffen in de aard en omvang van de kosten. Dat gold niet alleen voor de verstreken jaren maar ook voor het jaar 2002.