Kapitaalverzekering familielid DGA

Met ingang van 1 januari 2001 geldt voor betrekkingen tussen een aanmerkelijk belanghouder en de vennootschap waarin het aanmerkelijk belang wordt gehouden de terbeschikkingstellingsregeling. Die regeling houdt in dat bij dergelijke betrekkingen niet het box 3-systeem geldt maar dat op de resultaten het progressieve tarief van box 1 van toepassing is. Onder de terbeschikkingstellingsregeling vallen onder meer overeenkomsten van levensverzekering die een aanmerkelijk belanghouder met zijn BV heeft gesloten. Ter voorkoming van toepassing op een kapitaalverzekering droeg een BV op 30 december 2000 haar verplichtingen uit deze verzekering over aan een andere BV, waarvan de moeder van de verzekeringnemer de enige aandeelhouder was. Desondanks paste de inspecteur de terbeschikkingstellingsregeling toe en merkte hij de renteaangroei van het kapitaal aan als box 1-inkomen. Er volgde een procedure waarbij in geschil was of sprake was van een in het maatschappelijk verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen. Daarvoor was vereist dat de kapitaalverzekering ten tijde van de overdracht een levensverzekering was. De verzekeringnemer meende dat er sprake was van een voorwaardelijke vordering zonder overlijdensrisico zodat er geen maatschappelijk ongebruikelijke terbeschikkingstelling was. De overeenkomst voldeed volgens het Hof aan de door de Hoge Raad vastgestelde criteria voor een levensverzekering. Op grond daar van moeten de uitkering, de premiebetaling of beide afhankelijk zijn van het in leven zijn of de dood van een of meer bepaalde personen. Een levensverzekering behoudt zijn karakter gedurende de gehele looptijd. De opvatting van de belanghebbende, dat een levensverzekering het karakter van kansovereenkomst verliest zodra de polis tijdens de looptijd een waarde heeft bereikt waaruit het verzekerde risico kan worden voldaan, is niet juist. Ook ten tijde van de overdracht aan de BV van de moeder van de verzekeringnemer was sprake van een levensverzekering. De overdracht aan een BV van een familielid in plaats van aan een derde vormde een naar het maatschappelijk verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling. Hof Den Bosch kwam tot een vergelijkbaar oordeel in een procedure die betrekking had op een kapitaalverzekering die iemand had gesloten bij de BV van zijn vader.
Met ingang van 1 januari 2001 geldt voor betrekkingen tussen een aanmerkelijk belanghouder en de vennootschap waarin het aanmerkelijk belang wordt gehouden de terbeschikkingstellingsregeling. Die regeling houdt in dat bij dergelijke betrekkingen niet het box 3-systeem geldt maar dat op de resultaten het progressieve tarief van box 1 van toepassing is. Onder de terbeschikkingstellingsregeling vallen onder meer overeenkomsten van levensverzekering die een aanmerkelijk belanghouder met zijn BV heeft gesloten.
Ter voorkoming van toepassing op een kapitaalverzekering droeg een BV op 30 december 2000 haar verplichtingen uit deze verzekering over aan een andere BV, waarvan de moeder van de verzekeringnemer de enige aandeelhouder was. Desondanks paste de inspecteur de terbeschikkingstellingsregeling toe en merkte hij de renteaangroei van het kapitaal aan als box 1-inkomen. Er volgde een procedure waarbij in geschil was of sprake was van een in het maatschappelijk verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen. Daarvoor was vereist dat de kapitaalverzekering ten tijde van de overdracht een levensverzekering was. De verzekeringnemer meende dat er sprake was van een voorwaardelijke vordering zonder overlijdensrisico zodat er geen maatschappelijk ongebruikelijke terbeschikkingstelling was.
De overeenkomst voldeed volgens het Hof aan de door de Hoge Raad vastgestelde criteria voor een levensverzekering. Op grond daar van moeten de uitkering, de premiebetaling of beide afhankelijk zijn van het in leven zijn of de dood van een of meer bepaalde personen.
Een levensverzekering behoudt zijn karakter gedurende de gehele looptijd. De opvatting van de belanghebbende, dat een levensverzekering het karakter van kansovereenkomst verliest zodra de polis tijdens de looptijd een waarde heeft bereikt waaruit het verzekerde risico kan worden voldaan, is niet juist. Ook ten tijde van de overdracht aan de BV van de moeder van de verzekeringnemer was sprake van een levensverzekering.
De overdracht aan een BV van een familielid in plaats van aan een derde vormde een naar het maatschappelijk verkeer ongebruikelijke terbeschikkingstelling.
Hof Den Bosch kwam tot een vergelijkbaar oordeel in een procedure die betrekking had op een kapitaalverzekering die iemand had gesloten bij de BV van zijn vader.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u