Kantonrechtersformule gewijzigd

De Kring van Kantonrechters heeft besloten om de bestaande kantonrechtersformule uit 1996 aan te passen. Volgens de huidige formule wordt de ontslagvergoeding berekend door het aantal dienstjaren (factor A) te vermenigvuldigen met het bruto maandsalaris (factor B) en met een correctiefactor C, waarin de bijzondere omstandigheden worden uitgedrukt. De correctiefactor is 1 als de reden voor de beëindiging van het dienstverband niet aan één van beide partijen te verwijten valt en zich geen bijzondere omstandigheden voordoen. In de praktijk schommelt de factor C tussen 0 en 2.

Berekening dienstjaren
Tot nu toe tellen de dienstjaren bij de huidige werkgever tot de leeftijd van 40 jaar voor 1, van 40 tot 50 jaar voor 1½ en vanaf 50 jaar voor 2. Dat wordt anders, namelijk de dienstjaren tot de leeftijd van 35 jaar gaan tellen voor ½, van 35 tot 45 jaar voor 1, van 45 tot 55 jaar voor 1½ en vanaf 55 jaar voor 2. De bedoeling is om beter aan te sluiten bij de verbeterde arbeidsmarktpositie van jongeren met behoud van de bescherming van de oudere werknemer.

Arbeidsmarktpositie en financiële positie
Op de tweede plaats willen de kantonrechters in de C-factor meer aandacht geven aan bijzondere omstandigheden, die nu soms onderbelicht blijven. Het gaat daarbij vooral om de arbeidsmarktpositie van de werknemer en de financiële positie van de werkgever. Zo heeft een werknemer die door zijn werkgever in staat is gesteld om opleidingen te volgen een betere positie op de arbeidsmarkt en dus minder financiële bescherming nodig dan een werknemer, die deze gelegenheid niet heeft gehad.
Een werknemer in een branche met een groot personeelstekort heeft minder bescherming nodig dan een werknemer in een sector met veel werkloosheid.
Met de financiële positie van de werkgever zullen de kantonrechters meer rekening houden als de werkgever met jaarstukken en onderbouwde prognoses kan aantonen dat de berekende vergoeding voor hem onbetaalbaar is.

Oudere werknemers
Volgens de huidige kantonrechtersformule kan de vergoeding niet hoger zijn dan de verwachte inkomstenderving tot de pensioengerechtigde leeftijd. Uitgangspunt daarbij is de leeftijd van 65 jaar. Bij de bepaling van de vergoeding zal voortaan rekening worden gehouden met de leeftijd waarop de werknemer naar verwachting met pensioen zou zijn gegaan als de dienstbetrekking was blijven bestaan.

Korte dienstverbanden
Voor arbeidsovereenkomsten die binnen 2 jaar worden ontbonden komt een afzonderlijke regeling. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zonder tussentijdse opzegmogelijkheid zal de vergoeding meestal gelijk zijn aan het salaris over de resterende tijd. In alle andere gevallen wordt de vergoeding op de normale wijze berekend.

Het aangekondigde wetsvoorstel van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de maximering van de ontbindingvergoeding voor mensen met een salaris van € 75.000 en hoger is geen reden om de actualisering van de kantonrechtersformule op te schorten. Mocht dat wetsvoorstel wet worden dan gaat voor deze salarisgroep het wettelijk maximum gelden.
De Kring van Kantonrechters heeft besloten om de bestaande kantonrechtersformule uit 1996 aan te passen. Volgens de huidige formule wordt de ontslagvergoeding berekend door het aantal dienstjaren (factor A) te vermenigvuldigen met het bruto maandsalaris (factor B) en met een correctiefactor C, waarin de bijzondere omstandigheden worden uitgedrukt. De correctiefactor is 1 als de reden voor de beëindiging van het dienstverband niet aan één van beide partijen te verwijten valt en zich geen bijzondere omstandigheden voordoen. In de praktijk schommelt de factor C tussen 0 en 2.<BR><BR><STRONG>Berekening dienstjaren<BR></STRONG>Tot nu toe tellen de dienstjaren bij de huidige werkgever tot de leeftijd van 40 jaar voor 1, van 40 tot 50 jaar voor 1½ en vanaf 50 jaar voor 2. Dat wordt anders, namelijk de dienstjaren tot de leeftijd van 35 jaar gaan tellen voor ½, van 35 tot 45 jaar voor 1, van 45 tot 55 jaar voor 1½ en vanaf 55 jaar voor 2. De bedoeling is om beter aan te sluiten bij de verbeterde arbeidsmarktpositie van jongeren met behoud van de bescherming van de oudere werknemer.<BR><BR><STRONG>Arbeidsmarktpositie en financiële positie</STRONG><BR>Op de tweede plaats willen de kantonrechters in de C-factor meer aandacht geven aan bijzondere omstandigheden, die nu soms onderbelicht blijven. Het gaat daarbij vooral om de arbeidsmarktpositie van de werknemer en de financiële positie van de werkgever. Zo heeft een werknemer die door zijn werkgever in staat is gesteld om opleidingen te volgen een betere positie op de arbeidsmarkt en dus minder financiële bescherming nodig dan een werknemer, die deze gelegenheid niet heeft gehad. <BR>Een werknemer in een branche met een groot personeelstekort heeft minder bescherming nodig dan een werknemer in een sector met veel werkloosheid. <BR>Met de financiële positie van de werkgever zullen de kantonrechters meer rekening houden als de werkgever met jaarstukken en onderbouwde prognoses kan aantonen dat de berekende vergoeding voor hem onbetaalbaar is.<BR><BR><STRONG>Oudere werknemers <BR></STRONG>Volgens de huidige kantonrechtersformule kan de vergoeding niet hoger zijn dan de verwachte inkomstenderving tot de pensioengerechtigde leeftijd. Uitgangspunt daarbij is de leeftijd van 65 jaar. Bij de bepaling van de vergoeding zal voortaan rekening worden gehouden met de leeftijd waarop de werknemer naar verwachting met pensioen zou zijn gegaan als de dienstbetrekking was blijven bestaan. <BR><BR><STRONG>Korte dienstverbanden<BR></STRONG>Voor arbeidsovereenkomsten die binnen 2 jaar worden ontbonden komt een afzonderlijke regeling. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zonder tussentijdse opzegmogelijkheid zal de vergoeding meestal gelijk zijn aan het salaris over de resterende tijd. In alle andere gevallen wordt de vergoeding op de normale wijze berekend.<BR><BR>Het aangekondigde wetsvoorstel van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de maximering van de ontbindingvergoeding voor mensen met een salaris van € 75.000 en hoger is geen reden om de actualisering van de kantonrechtersformule op te schorten. Mocht dat wetsvoorstel wet worden dan gaat voor deze salarisgroep het wettelijk maximum gelden.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u