Herzien besluit aftrekposten nalatenschap

De minister van Financiƫn heeft een besluit uit 2006 aangepast aan de per 1 januari 2010 gewijzigde Successiewet. De tekst van het besluit is redactioneel aangepast aan de wijzigingen. Een inhoudelijke wijziging van het beleid is niet bedoeld. Het besluit uit 2006 (CPP2005/2787M) is vervallen per 1 januari 2010.

Het besluit uit 2006 was een samenvoeging van besluiten over aftrekposten van de nalatenschap voor de Successiewet. Het besluit bevat de volgende onderwerpen.

 

1. Conserverende aanslag

Alleen rechtens afdwingbare belastingschulden komen in mindering op de nalatenschap. Een conserverende aanslag kan door het overlijden opeisbaar worden en is dan een schuld voor het successierecht, tenzij het conserverende uitstel van betaling wordt voortgezet. Als voorbeeld geldt een conserverende aanslag opgelegd wegens de fictieve vervreemding van aanmerkelijk belangaandelen. Voor de conserverende aanslag wordt tien jaar uitstel van betaling verleend op voorwaarde dat de aandelen niet worden vervreemd. Bij het overlijden van degene aan wie de conserverende aanslag is opgelegd wordt het uitstel van betaling ingetrokken omdat er een (fictieve) vervreemding heeft plaatsgevonden door het overlijden. Op verzoek van de erfgenaam is voortzetting van het uitstel mogelijk. In dat geval is er geen aanleiding om de conserverende aanslag als schuld toe te laten.

 

2. Belastinglatentie en kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule

Als tot de nalatenschap een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule behoort, mag een belastinglatentie in mindering worden gebracht, ook als de uitkering niet wordt aangewend voor de aankoop van een lijfrente. De uitkering is belast voor de inkomstenbelasting en het successierecht. Er is geen sprake van een ongerechtvaardigde cumulatieve heffing omdat voor het successierecht rekening is gehouden met inkomstenbelasting die is verschuldigd door de afkoop.

 

3. Invorderingskosten voor successierecht betaald voor buitenlandse erfgenamen

De erfgenamen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het successierecht dat is verschuldigd door verkrijgers die in het buitenland wonen. Betaling van de kosten die de Nederlandse erfgenamen maken om het successierecht te verhalen op buitenlandse verkrijgers leidt niet tot verlaging van het verschuldigde successierecht. In gevallen waarin vergeefs dergelijke kosten zijn gemaakt is het redelijk om die kosten in mindering te brengen op het door de Nederlandse erfgenamen verschuldigde successierecht naar evenredigheid van hun verkrijging.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >De minister van Financiƫn heeft een besluit uit 2006 aangepast aan de per 1 januari 2010 gewijzigde Successiewet. De tekst van het besluit is redactioneel aangepast aan de wijzigingen. Een inhoudelijke wijziging van het beleid is niet bedoeld. Het besluit uit 2006 (CPP2005/2787M) is vervallen per 1 januari 2010.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >Het besluit uit 2006 was een samenvoeging van besluiten over aftrekposten van de nalatenschap voor de Successiewet. Het besluit bevat de volgende onderwerpen.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><U>1. Conserverende aanslag</U></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >Alleen rechtens afdwingbare belastingschulden komen in mindering op de nalatenschap. Een conserverende aanslag kan door het overlijden opeisbaar worden en is dan een schuld voor het successierecht, tenzij het conserverende uitstel van betaling wordt voortgezet. Als voorbeeld geldt een conserverende aanslag opgelegd wegens de fictieve vervreemding van aanmerkelijk belangaandelen. Voor de conserverende aanslag wordt tien jaar uitstel van betaling verleend op voorwaarde dat de aandelen niet worden vervreemd. Bij het overlijden van degene aan wie de conserverende aanslag is opgelegd wordt het uitstel van betaling ingetrokken omdat er een (fictieve) vervreemding heeft plaatsgevonden door het overlijden. Op verzoek van de erfgenaam is voortzetting van het uitstel mogelijk. In dat geval is er geen aanleiding om de conserverende aanslag als schuld toe te laten.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><U>2. Belastinglatentie en kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule</U></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >Als tot de nalatenschap een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule behoort, mag een belastinglatentie in mindering worden gebracht, ook als de uitkering niet wordt aangewend voor de aankoop van een lijfrente. De uitkering is belast voor de inkomstenbelasting en het successierecht. Er is geen sprake van een ongerechtvaardigde cumulatieve heffing omdat voor het successierecht rekening is gehouden met inkomstenbelasting die is verschuldigd door de afkoop. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" ><U>3. Invorderingskosten voor successierecht betaald voor buitenlandse erfgenamen</U></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >De erfgenamen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het successierecht dat is verschuldigd door verkrijgers die in het buitenland wonen. Betaling van de kosten die de Nederlandse erfgenamen maken om het successierecht te verhalen op buitenlandse verkrijgers leidt niet tot verlaging van het verschuldigde successierecht. In gevallen waarin vergeefs dergelijke kosten zijn gemaakt is het redelijk om die kosten in mindering te brengen op het door de Nederlandse erfgenamen verschuldigde successierecht naar evenredigheid van hun verkrijging.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u