
Een herstructurering van een onderneming die in de vorm van een BV wordt gedreven kan binnen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting plaatsvinden zonder fiscale gevolgen. Het is wel zaak om alle formaliteiten in acht te nemen en de benodigde handelingen in de juiste volgorde af te werken. Als er geen fiscale eenheid is en er wel wordt geschoven met vermogensbestanddelen tussen de BV’s, leidt dat mogelijk tot winst en belastingheffing bij de overdragende BV.
In een door Hof Leeuwarden berechte casus was sprake van een door de aandeelhouders van een BV opgestelde intentieverklaring tot herstructurering. In de intentieverklaring stond dat de herstructurering binnen een fiscale eenheid zou worden uitgevoerd. Na de oprichting van de (klein)dochter-BV’s in november 2003 werd een verzoek ingediend om alle vennootschappen met ingang van 1 januari
Bij de oprichting van een dochtermaatschappij werd tegen uitreiking van aandelen aan de BV het bedrijfspand ingebracht. In de aangifte vennootschapsbelasting over 2003 was geen winst bij de overdracht van het bedrijfspand opgenomen. De inspecteur corrigeerde de aangifte op dat punt door het verschil tussen de werkelijke waarde van het bedrijfspand en de fiscale boekwaarde daarvan op 27 november 2003 tot de winst te rekenen.
Volgens de rechtbank was noch de bedrijfsfusiefaciliteit, noch het fiscale eenheidsregime van toepassing, zodat de BV ter zake van de overdracht van het bedrijfspand winst in aanmerking moest nemen. In hoger beroep heeft Hof Leeuwarden dat oordeel onderschreven.