Gevolgen wijziging verontreinigingsheffing

In verband met een wijziging in de Wet verontreinigingsheffing oppervlaktewateren per 1 januari 2001 deelde een hoogheemraadschap aan een bedrijf mee dat er mogelijk een meting van afvalwater zou worden gedaan om de vervuilingswaarde vast te stellen. Het afvalwateronderzoek had tot gevolg dat het bedrijf in een andere vervuilingsklasse werd ingedeeld. De aanslag verontreinigingsheffing viel daardoor hoger uit dan voorheen. Hof Amsterdam vond dat het hoogheemraadschap niet willekeurig had gehandeld door bij het bedrijf een meting uit te voeren, hoewel dat slechts bij een kleine minderheid van bedrijven was gebeurd. Het was niet mogelijk om alle bedrijven na de wetswijziging van 1 januari 2001 binnen één aanslagperiode te bemeten. Voor zover er sprake was van een ongelijke behandeling van gelijke gevallen waren daarvoor voldoende rechtvaardigingsgronden aanwezig. Wel vond het Hof dat het hoogheemraadschap onzorgvuldig had gehandeld door de resultaten van het onderzoek niet voorafgaand aan de aanslag bekend te maken. Het Hof verbond daar geen gevolg aan omdat het bedrijf de mogelijkheid had om de opgelegde aanslag te betwisten. Het bedrijf wist dat het onderzoek had plaatsgevonden en dat het onderzoek indeling in een hogere klasse tot gevolg kon hebben. Het bedrijf had volgens het Hof het rapport ook kunnen opvragen in plaats van af te wachten. De Hoge Raad heeft het oordeel van het Hof in stand gelaten.
In verband met een wijziging in de Wet verontreinigingsheffing oppervlaktewateren per 1 januari 2001 deelde een hoogheemraadschap aan een bedrijf mee dat er mogelijk een meting van afvalwater zou worden gedaan om de vervuilingswaarde vast te stellen. Het afvalwateronderzoek had tot gevolg dat het bedrijf in een andere vervuilingsklasse werd ingedeeld. De aanslag verontreinigingsheffing viel daardoor hoger uit dan voorheen.
Hof Amsterdam vond dat het hoogheemraadschap niet willekeurig had gehandeld door bij het bedrijf een meting uit te voeren, hoewel dat slechts bij een kleine minderheid van bedrijven was gebeurd. Het was niet mogelijk om alle bedrijven na de wetswijziging van 1 januari 2001 binnen één aanslagperiode te bemeten. Voor zover er sprake was van een ongelijke behandeling van gelijke gevallen waren daarvoor voldoende rechtvaardigingsgronden aanwezig.
Wel vond het Hof dat het hoogheemraadschap onzorgvuldig had gehandeld door de resultaten van het onderzoek niet voorafgaand aan de aanslag bekend te maken. Het Hof verbond daar geen gevolg aan omdat het bedrijf de mogelijkheid had om de opgelegde aanslag te betwisten. Het bedrijf wist dat het onderzoek had plaatsgevonden en dat het onderzoek indeling in een hogere klasse tot gevolg kon hebben. Het bedrijf had volgens het Hof het rapport ook kunnen opvragen in plaats van af te wachten. De Hoge Raad heeft het oordeel van het Hof in stand gelaten.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u