Gevolgen ongeldigheid compromis
De belastingdienst en een belastingplichtige sloten een vaststellingsovereenkomst die betrekking had op een buitenlandse bankrekening, waarvan de belastingplichtige het saldo en de rente gedurende een reeks van jaren niet had aangegeven. Er volgde een navorderingsaanslag vermogensbelasting met een boete, die volgens de overeenkomst werd kwijtgescholden. De belastingplichtige bestreed de geldigheid van de gesloten vaststellingsovereenkomst en kreeg daarin gelijk van de Hoge Raad. De vernietiging van de vaststellingsovereenkomst had niet tot gevolg dat de navorderingsaanslag vernietigd werd. Tussen partijen stond vast dat ook zonder vaststellingsovereenkomst een bedrag aan vermogensbelasting verschuldigd was. Hof Den Haag verminderde de aanslag tot dat bedrag. De inspecteur meende dat de vernietiging van de vaststellingsovereenkomst tot gevolg had dat ook het door hem genomen kwijtscheldingsbesluit voor de boete was vervallen. De inspecteur wilde daarom de aanvankelijk opgelegde boete handhaven. Het Hof stond niet toe dat de inspecteur terugkwam op het kwijtscheldingsbesluit.
De belastingdienst en een belastingplichtige sloten een vaststellingsovereenkomst die betrekking had op een buitenlandse bankrekening, waarvan de belastingplichtige het saldo en de rente gedurende een reeks van jaren niet had aangegeven. Er volgde een navorderingsaanslag vermogensbelasting met een boete, die volgens de overeenkomst werd kwijtgescholden. De belastingplichtige bestreed de geldigheid van de gesloten vaststellingsovereenkomst en kreeg daarin gelijk van de Hoge Raad. De vernietiging van de vaststellingsovereenkomst had niet tot gevolg dat de navorderingsaanslag vernietigd werd. Tussen partijen stond vast dat ook zonder vaststellingsovereenkomst een bedrag aan vermogensbelasting verschuldigd was. Hof Den Haag verminderde de aanslag tot dat bedrag. De inspecteur meende dat de vernietiging van de vaststellingsovereenkomst tot gevolg had dat ook het door hem genomen kwijtscheldingsbesluit voor de boete was vervallen. De inspecteur wilde daarom de aanvankelijk opgelegde boete handhaven. Het Hof stond niet toe dat de inspecteur terugkwam op het kwijtscheldingsbesluit.