Genietingstijdstip
Een werkgever kende in 1996 aan een groep werknemers voorwaardelijke rechten op de opbrengst van certificaten van aandelen toe. Voorwaarde was ondermeer het voortbestaan van de dienstbetrekking. Op 28 oktober 1999 besloot de werkgever dat de certificaten op 17 januari 2000 door omzetting in aandelen geschikt werden gemaakt voor verkoop. Volgens Hof Amsterdam en de Hoge Raad was dat de datum waarop een werknemer zijn rechten onvoorwaardelijk kon uitoefenen. Hoewel een werknemer al op 30 december 1999 opdracht gaf tot verkoop van de aandelen was de opbrengst in 2000 belast. De verkoop van de aandelen vond in januari 2000 plaats.
Een werkgever kende in 1996 aan een groep werknemers voorwaardelijke rechten op de opbrengst van certificaten van aandelen toe. Voorwaarde was ondermeer het voortbestaan van de dienstbetrekking. Op 28 oktober 1999 besloot de werkgever dat de certificaten op 17 januari 2000 door omzetting in aandelen geschikt werden gemaakt voor verkoop. Volgens Hof Amsterdam en de Hoge Raad was dat de datum waarop een werknemer zijn rechten onvoorwaardelijk kon uitoefenen. Hoewel een werknemer al op 30 december 1999 opdracht gaf tot verkoop van de aandelen was de opbrengst in 2000 belast. De verkoop van de aandelen vond in januari 2000 plaats.