Gelijkgestelde deelneming

De voor- en nadelen die een BV behaalt met een belang van 5% of meer in een andere BV vallen door de werking van de deelnemingsvrijstelling buiten de heffing van vennootschapsbelasting. Enkele jaren geleden gold dat ook op een belang dat kleiner is dan 5% de deelnemingsvrijstelling van toepassing kon zijn als het houden van de aandelen in de lijn van de eigen onderneming lag. Er was dan sprake van een gelijkgestelde deelneming.

 

Na een structuurwijziging hadden enkele management-BV’s een direct aandelenbelang in een werkmaatschappij. Voor een van de management-BV’s ging het om een belang van 2,2%. Deze BV had het belang aangeschaft voor een bedrag van bijna € 1 miljoen. In 2002 ging de werkmaatschappij failliet. De management-BV waardeerde het aandelenbelang per 31 december 2001 op nihil. De waardedaling werd ten laste van de winst gebracht. De inspecteur accepteerde de afwaardering ten laste van de winst niet.

De rechtbank was van oordeel dat sprake was van een gelijkgestelde deelneming, omdat de BV invloed kon uitoefenen in de werkmaatschappij door middel van een prioriteitsaandeel in een andere BV waarin de BV een belang had en door haar managementwerkzaamheden binnen de werkmaatschappij. De afwaardering viel onder de deelnemingsvrijstelling en kwam dus niet ten laste van de winst. Hof Amsterdam onderschreef het oordeel van de rechtbank.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >De voor- en nadelen die een BV behaalt met een belang van 5% of meer in een andere BV vallen door de werking van de deelnemingsvrijstelling buiten de heffing van vennootschapsbelasting. Enkele jaren geleden gold dat ook op een belang dat kleiner is dan 5% de deelnemingsvrijstelling van toepassing kon zijn als het houden van de aandelen in de lijn van de eigen onderneming lag. Er was dan sprake van een gelijkgestelde deelneming. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >Na een structuurwijziging hadden enkele management-BV’s een direct aandelenbelang in een werkmaatschappij. Voor een van de management-BV’s ging het om een belang van 2,2%. Deze BV had het belang aangeschaft voor een bedrag van bijna € 1 miljoen. In 2002 ging de werkmaatschappij failliet. De management-BV waardeerde het aandelenbelang per 31 december 2001 op nihil. De waardedaling werd ten laste van de winst gebracht. De inspecteur accepteerde de afwaardering ten laste van de winst niet. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt" >De rechtbank was van oordeel dat sprake was van een gelijkgestelde deelneming, omdat de BV invloed kon uitoefenen in de werkmaatschappij door middel van een prioriteitsaandeel in een andere BV waarin de BV een belang had en door haar managementwerkzaamheden binnen de werkmaatschappij. De afwaardering viel onder de deelnemingsvrijstelling en kwam dus niet ten laste van de winst. Hof Amsterdam onderschreef het oordeel van de rechtbank.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u