Geheimhouding deel draaiboek KB-Lux toegestaan

De Belastingdienst is naar aanleiding van informatie over door inwoners van Nederland in Luxemburg aangehouden spaartegoeden een grootscheepse actie begonnen om de spaartegoeden en ontvangen rentebedragen alsnog in de belastingheffing te betrekken. In het kader van deze actie is door de Belastingdienst een draaiboek ontwikkeld en zijn interne nieuwsbrieven verschenen. Een deel van het draaiboek en de nieuwsbrieven is openbaar gemaakt. In een procedure over in het kader van deze actie aan hem opgelegde navorderingsaanslagen vroeg de belanghebbende het Hof om inzage in de niet-openbare passages van het draaiboek en de nieuwsbrieven. Volgens het Hof behoorden het draaiboek en de nieuwsbrieven tot de op de zaak betrekking hebbende stukken. Die stukken bevatten beleid en feitelijke informatie waarop de inspecteur zich bij de aanslagregeling en de verdere behandeling van de zaak heeft gebaseerd. Dergelijke stukken moeten volgens de wet tegelijk met het verweerschrift bij het Hof worden ingediend. De inspecteur weigerde een deel van de stukken in te brengen. Op het beginsel dat de inspecteur alle relevante stukken moet inbrengen zijn maar weinig uitzonderingen. Er moet naar het oordeel van de rechter sprake zijn van gewichtige redenen om stukken niet in te brengen. Daarvoor is nodig dat de door de inspecteur aangevoerde redenen aanzienlijk zwaarder wegen dan het belang van belanghebbende bij openbaarmaking. Het Hof kreeg de stukken integraal ter inzage om te beoordelen of er gewichtige redenen waren om een gedeelte van de stukken geheim te houden. De belangen van de Belastingdienst bij geheimhouding waren:1) het belang van de Belastingdienst bij een effectieve controle en controlestrategie, waaronder begrepen een effectieve en efficiënte interne werkwijze; en2) het belang van de privacy, zowel van derden als van individuele ambtenaren of groepen van ambtenaren van de Belastingdienst. Het Hof vond geheimhouding van deze categorieën van informatie gerechtvaardigd. De informatie die betrekking had op het door de Belastingdienst in het KB-Lux project gevoerde beleid van opsporing en navordering en van administratiefrechtelijke en strafrechtelijke vervolging moest volgens het Hof zonder meer aan de belanghebbende bekend worden gemaakt. De belanghebbende moet zoals iedere belastingplichtige kunnen toetsen of hij in overeenstemming met dat beleid is behandeld. Het Hof droeg de inspecteur op om de belanghebbende een kopie toe te zenden van het draaiboek en de nieuwsbrieven na verwijdering van de door het Hof aangegeven passages die geheim gehouden mochten worden.
De Belastingdienst is naar aanleiding van informatie over door inwoners van Nederland in Luxemburg aangehouden spaartegoeden een grootscheepse actie begonnen om de spaartegoeden en ontvangen rentebedragen alsnog in de belastingheffing te betrekken. In het kader van deze actie is door de Belastingdienst een draaiboek ontwikkeld en zijn interne nieuwsbrieven verschenen. Een deel van het draaiboek en de nieuwsbrieven is openbaar gemaakt. In een procedure over in het kader van deze actie aan hem opgelegde navorderingsaanslagen vroeg de belanghebbende het Hof om inzage in de niet-openbare passages van het draaiboek en de nieuwsbrieven. Volgens het Hof behoorden het draaiboek en de nieuwsbrieven tot de op de zaak betrekking hebbende stukken. Die stukken bevatten beleid en feitelijke informatie waarop de inspecteur zich bij de aanslagregeling en de verdere behandeling van de zaak heeft gebaseerd. Dergelijke stukken moeten volgens de wet tegelijk met het verweerschrift bij het Hof worden ingediend. De inspecteur weigerde een deel van de stukken in te brengen. Op het beginsel dat de inspecteur alle relevante stukken moet inbrengen zijn maar weinig uitzonderingen. Er moet naar het oordeel van de rechter sprake zijn van gewichtige redenen om stukken niet in te brengen. Daarvoor is nodig dat de door de inspecteur aangevoerde redenen aanzienlijk zwaarder wegen dan het belang van belanghebbende bij openbaarmaking. Het Hof kreeg de stukken integraal ter inzage om te beoordelen of er gewichtige redenen waren om een gedeelte van de stukken geheim te houden. De belangen van de Belastingdienst bij geheimhouding waren:1) het belang van de Belastingdienst bij een effectieve controle en controlestrategie, waaronder begrepen een effectieve en efficiënte interne werkwijze; en2) het belang van de privacy, zowel van derden als van individuele ambtenaren of groepen van ambtenaren van de Belastingdienst. Het Hof vond geheimhouding van deze categorieën van informatie gerechtvaardigd. De informatie die betrekking had op het door de Belastingdienst in het KB-Lux project gevoerde beleid van opsporing en navordering en van administratiefrechtelijke en strafrechtelijke vervolging moest volgens het Hof zonder meer aan de belanghebbende bekend worden gemaakt. De belanghebbende moet zoals iedere belastingplichtige kunnen toetsen of hij in overeenstemming met dat beleid is behandeld. Het Hof droeg de inspecteur op om de belanghebbende een kopie toe te zenden van het draaiboek en de nieuwsbrieven na verwijdering van de door het Hof aangegeven passages die geheim gehouden mochten worden.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u