Geen teruggave overdrachtsbelasting

Bij de levering van onroerende zaken moet overdrachtsbelasting worden betaald. Voor de levering van monumentenpanden aan een vennootschap die de instandhouding van monumenten als doelstelling heeft geldt een vrijstelling van overdrachtsbelasting. Daarnaast kent de wet de mogelijkheid van teruggave van overdrachtsbelasting als de situatie van voor de levering wordt hersteld. Een BV leverde vijf monumentenpanden aan twee afnemers, namelijk aan een bestaande BV, onder de ontbindende voorwaarde van oprichting van een andere BV, en aan deze nog op te richten BV onder de opschortende voorwaarde van haar oprichting. Voor de overdrachtsbelasting waren er twee leveringen: 1. de belaste levering onder ontbindende voorwaarde aan de bestaande BV; 2. de vrijgestelde levering onder opschortende voorwaarde aan de nog op te richten BV. Nadat deze laatste BV was opgericht werd een akte verleden waarbij werd vastgesteld dat de ontbindende en de opschortende voorwaarde in vervulling waren gegaan, zodat de eerste BV de eigendom van de monumenten verloor en de tweede BV eigenaar werd. De eerste BV diende een verzoek om teruggaaf van overdrachtsbelasting in, dat door de belastingdienst werd afgewezen. Voorwaarde voor teruggaaf is dat de toestand van vóór de verkrijging zowel feitelijk als rechtens wordt hersteld, bijvoorbeeld als gevolg van de vervulling van een ontbindende voorwaarde. In dit geval was wel een ontbindende voorwaarde vervuld, maar de oude situatie was niet hersteld omdat de eigendom niet was teruggegaan naar de oorspronkelijke verkoper. Dat was door de gelijkluidende voorwaarden in de beide overeenkomsten van levering niet mogelijk, en naar het oordeel van Hof Den Bosch ook niet de bedoeling.
Bij de levering van onroerende zaken moet overdrachtsbelasting worden betaald. Voor de levering van monumentenpanden aan een vennootschap die de instandhouding van monumenten als doelstelling heeft geldt een vrijstelling van overdrachtsbelasting. Daarnaast kent de wet de mogelijkheid van teruggave van overdrachtsbelasting als de situatie van voor de levering wordt hersteld.
Een BV leverde vijf monumentenpanden aan twee afnemers, namelijk aan een bestaande BV, onder de ontbindende voorwaarde van oprichting van een andere BV, en aan deze nog op te richten BV onder de opschortende voorwaarde van haar oprichting. Voor de overdrachtsbelasting waren er twee leveringen:
1. de belaste levering onder ontbindende voorwaarde aan de bestaande BV;
2. de vrijgestelde levering onder opschortende voorwaarde aan de nog op te richten BV.
Nadat deze laatste BV was opgericht werd een akte verleden waarbij werd vastgesteld dat de ontbindende en de opschortende voorwaarde in vervulling waren gegaan, zodat de eerste BV de eigendom van de monumenten verloor en de tweede BV eigenaar werd.
De eerste BV diende een verzoek om teruggaaf van overdrachtsbelasting in, dat door de belastingdienst werd afgewezen. Voorwaarde voor teruggaaf is dat de toestand van vóór de verkrijging zowel feitelijk als rechtens wordt hersteld, bijvoorbeeld als gevolg van de vervulling van een ontbindende voorwaarde. In dit geval was wel een ontbindende voorwaarde vervuld, maar de oude situatie was niet hersteld omdat de eigendom niet was teruggegaan naar de oorspronkelijke verkoper. Dat was door de gelijkluidende voorwaarden in de beide overeenkomsten van levering niet mogelijk, en naar het oordeel van Hof Den Bosch ook niet de bedoeling.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u