Geen ondernemerschap zonder economische activiteit
Om recht te hebben op aftrek van voorbelasting moet sprake zijn van economische activiteiten. Dat begrip omvat alle werkzaamheden van een ondernemer, inclusief voorbereidende werkzaamheden en werkzaamheden ter beƫindiging van een onderneming.
Wie zich als ondernemer presenteert moet aan de hand van objectieve gegevens aannemelijk kunnen maken dat hij economische activiteiten verricht of dat hij bepaalde uitgaven heeft gedaan om economische activiteiten te verrichten. Bij gebrek aan bewijs is er geen recht op aftrek van voorbelasting.
De belastingdienst accepteerde iemand in de jaren 1996 en 1997 als ondernemer. In de jaren 1998 tot en met 2000 verleende de belastingdienst hem teruggaven van omzetbelasting die betrekking hadden op uitgaven voor huisvesting, kantoor, telefoon, administratie en advies, advertenties, verzekeringen, contributies en vakliteratuur. Naar het oordeel van Hof Den Bosch had de belanghebbende onvoldoende aangevoerd om aannemelijk te maken dat hij de uitgaven waarvoor hij teruggave van omzetbelasting had gevraagd en gekregen had gedaan in voorbereiding op een onderneming. Dat betekende dat de inspecteur terecht een naheffingsaanslag had opgelegd om de teruggave ongedaan te maken.
Om recht te hebben op aftrek van voorbelasting moet sprake zijn van economische activiteiten. Dat begrip omvat alle werkzaamheden van een ondernemer, inclusief voorbereidende werkzaamheden en werkzaamheden ter beƫindiging van een onderneming.
Wie zich als ondernemer presenteert moet aan de hand van objectieve gegevens aannemelijk kunnen maken dat hij economische activiteiten verricht of dat hij bepaalde uitgaven heeft gedaan om economische activiteiten te verrichten. Bij gebrek aan bewijs is er geen recht op aftrek van voorbelasting.
De belastingdienst accepteerde iemand in de jaren 1996 en 1997 als ondernemer. In de jaren 1998 tot en met 2000 verleende de belastingdienst hem teruggaven van omzetbelasting die betrekking hadden op uitgaven voor huisvesting, kantoor, telefoon, administratie en advies, advertenties, verzekeringen, contributies en vakliteratuur. Naar het oordeel van Hof Den Bosch had de belanghebbende onvoldoende aangevoerd om aannemelijk te maken dat hij de uitgaven waarvoor hij teruggave van omzetbelasting had gevraagd en gekregen had gedaan in voorbereiding op een onderneming. Dat betekende dat de inspecteur terecht een naheffingsaanslag had opgelegd om de teruggave ongedaan te maken.