Geen nultarief, maar vrijgestelde prestatie
Een handelaar in prepaid telefoonkaarten claimde de toepassing van het nultarief voor de omzetbelasting voor een deel van de verkopen. Dat deel was geleverd aan een in Belgiƫ gevestigde ondernemer. De omzetbelasting over de aankopen bracht de ondernemer in aftrek als voorbelasting. De bewijslast voor de toepassing van het nultarief ligt bij de ondernemer die toepassing claimt. Volgens de rechtbank Breda slaagde de ondernemer er niet in om aan de hand van zijn administratie te bewijzen dat hij telefoonkaarten had verkocht aan een buitenlandse afnemer. Dat had tot gevolg dat het nultarief niet van toepassing was. Subsidiair beriep de ondernemer zich erop dat de telefoonkaarten waardepapieren waren. De levering van waardepapieren is vrijgesteld van de heffing van omzetbelasting. De telefoonkaarten konden namelijk ook gebruikt worden om zogenaamde servicenummers te bellen, bijvoorbeeld voor weersberichten of verkeersinformatie. In die gevallen wordt met de kaart niet alleen voor het bellen op zich betaald maar ook voor de diensten van de organisaties achter de servicenummers. De rechtbank volgde dat standpunt. Voor dat geval beriep de inspecteur zich op interne compensatie. Daardoor had de naheffingsaanslag niet langer betrekking op het ten onrechte hanteren van het nultarief, maar op het ten onrechte in aftrek brengen van de voorbelasting. De rechtbank liet de naheffingsaanslag in stand omdat de ondernemer er niet in slaagde te bewijzen dat deze te hoog zou zijn vastgesteld.
Een handelaar in prepaid telefoonkaarten claimde de toepassing van het nultarief voor de omzetbelasting voor een deel van de verkopen. Dat deel was geleverd aan een in Belgiƫ gevestigde ondernemer. De omzetbelasting over de aankopen bracht de ondernemer in aftrek als voorbelasting. De bewijslast voor de toepassing van het nultarief ligt bij de ondernemer die toepassing claimt. Volgens de rechtbank Breda slaagde de ondernemer er niet in om aan de hand van zijn administratie te bewijzen dat hij telefoonkaarten had verkocht aan een buitenlandse afnemer. Dat had tot gevolg dat het nultarief niet van toepassing was. Subsidiair beriep de ondernemer zich erop dat de telefoonkaarten waardepapieren waren. De levering van waardepapieren is vrijgesteld van de heffing van omzetbelasting. De telefoonkaarten konden namelijk ook gebruikt worden om zogenaamde servicenummers te bellen, bijvoorbeeld voor weersberichten of verkeersinformatie. In die gevallen wordt met de kaart niet alleen voor het bellen op zich betaald maar ook voor de diensten van de organisaties achter de servicenummers. De rechtbank volgde dat standpunt. Voor dat geval beriep de inspecteur zich op interne compensatie. Daardoor had de naheffingsaanslag niet langer betrekking op het ten onrechte hanteren van het nultarief, maar op het ten onrechte in aftrek brengen van de voorbelasting. De rechtbank liet de naheffingsaanslag in stand omdat de ondernemer er niet in slaagde te bewijzen dat deze te hoog zou zijn vastgesteld.