
Ondernemers voor de omzetbelasting hebben recht op toepassing van een verlaagd tarief voor de motorrijtuigenbelasting voor hun bestelauto(s). Het verlaagde tarief geldt niet voor personenauto’s die in gebruik zijn bij ondernemers.
De wetgever heeft door onderscheid te maken in het tarief voor personenauto's en voor bestelauto's het verbod op ongelijke behandeling van gelijke gevallen niet overtreden. Personenauto's en bestelauto's zijn niet aan te merken als gelijke gevallen.
Zelfs al was sprake van gelijke gevallen, dan wordt het onderscheid in tariefbehandeling gerechtvaardigd door het doel van de regeling, namelijk het faciliteren van ondernemers die een motorrijtuig bij uitstek voor zakelijke doeleinden gebruiken. In dat kader blijft de wetgever binnen de hem in belastingzaken toekomende ruime beoordelingsvrijheid omdat bestelauto's zich meer dan zakelijk gebruikte personenauto's onderscheiden van auto’s die in de particuliere sfeer worden gebruikt.