Gebruikt water in verontreinigingsheffing oppervlaktewateren

De Hoge Raad heeft een uitspraak van Hof Arnhem over een aanslag verontreinigingsheffing oppervlaktewateren vernietigd. De procedure had betrekking op een visfileerbedrijf. De vis werd aangeleverd in bakken die ook water bevatten. Dat water werd samen met het fileerafval met leidingwater via een slib- en vetvang afgevoerd naar de riolering. Door meting was vastgesteld dat er meer water werd afgevoerd dan er aan leidingwater werd ingenomen. Gedurende twee weken was het afvalwater gemeten. In deze periode bedroeg de afvalwatercoëfficiënt respectievelijk 0,06 en 0,079. Het fileerbedrijf gaf in de aangifte verontreinigingsheffing oppervlaktewateren voor het jaar 2000 een aantal vervuilingseenheden van 791,94 op. De heffingsambtenaar corrigeerde dat aantal op basis van een grotere hoeveelheid afvalwater en een andere afvalwatercoëfficiënt tot een totaal van 1.186,1.

 

Hof Arnhem verminderde de aanslag, omdat volgens het hof het met de bakken te fileren vis aangevoerde water niet als 'gebruikt water' gold voor de berekening van de verontreinigingsheffing. Volgens het hof was alleen de hoeveelheid ingenomen leidingwater van belang.

 

Als hoofdregel wordt de vervuiling bepaald aan de hand van de gemeten hoeveelheid afvalwater en de door bemonstering en analyse bepaalde vervuilingsgraad daarvan. In afwijking van de hoofdregel bestaat de mogelijkheid om het aantal vervuilingseenheden forfaitair te bepalen aan de hand van een bedrijfsafhankelijke afvalwatercoëfficiënt en de hoeveelheid 'gebruikt water'. Daarvoor moet aan enkele voorwaarden zijn voldaan.

Volgens de Hoge Raad moet onder 'gebruikt water' al het bij het productieproces gebruikte water worden verstaan. Het hof was van mening dat aan de voorwaarden voor de forfaitaire berekening was voldaan. Ter controle had het hof de hoeveelheid afvalwater bepaald door uit te gaan van de in de meetweken vastgestelde hoeveelheden geloosd afvalwater. Gezien de in de meetweken geconstateerde verhouding tussen de hoeveelheid ingenomen leidingwater en de hoeveelheid geloosd water, moest echter in het jaar 2000 meer water zijn geloosd dan door het hof was berekend. Hof Den Bosch moet de zaak nu verder behandelen.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Hoge Raad heeft een uitspraak van Hof Arnhem over een aanslag verontreinigingsheffing oppervlaktewateren vernietigd. De procedure had betrekking op een visfileerbedrijf. De vis werd aangeleverd in bakken die ook water bevatten. Dat water werd samen met het fileerafval met leidingwater via een slib- en vetvang afgevoerd naar de riolering. Door meting was vastgesteld dat er meer water werd afgevoerd dan er aan leidingwater werd ingenomen. Gedurende twee weken was het afvalwater gemeten. In deze periode bedroeg de afvalwatercoëfficiënt respectievelijk 0,06 en 0,079. Het fileerbedrijf gaf in de aangifte verontreinigingsheffing oppervlaktewateren voor het jaar 2000 een aantal vervuilingseenheden van 791,94 op. De heffingsambtenaar corrigeerde dat aantal op basis van een grotere hoeveelheid afvalwater en een andere afvalwatercoëfficiënt tot een totaal van 1.186,1.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><?xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Hof Arnhem verminderde de aanslag, omdat volgens het hof het met de bakken te fileren vis aangevoerde water niet als 'gebruikt water' gold voor de berekening van de verontreinigingsheffing. Volgens het hof was alleen de hoeveelheid ingenomen leidingwater van belang.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><o:p>&nbsp;</o:p></P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Als hoofdregel wordt de vervuiling bepaald aan de hand van de gemeten hoeveelheid afvalwater en de door bemonstering en analyse bepaalde vervuilingsgraad daarvan. In afwijking van de hoofdregel bestaat de mogelijkheid om het aantal vervuilingseenheden forfaitair te bepalen aan de hand van een bedrijfsafhankelijke afvalwatercoëfficiënt en de hoeveelheid 'gebruikt water'. Daarvoor moet aan enkele voorwaarden zijn voldaan.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Volgens de Hoge Raad moet onder 'gebruikt water' al het bij het productieproces gebruikte water worden verstaan. Het hof was van mening dat aan de voorwaarden voor de forfaitaire berekening was voldaan. Ter controle had het hof de hoeveelheid afvalwater bepaald door uit te gaan van de in de meetweken vastgestelde hoeveelheden geloosd afvalwater. Gezien de in de meetweken geconstateerde verhouding tussen de hoeveelheid ingenomen leidingwater en de hoeveelheid geloosd water, moest echter in het jaar 2000 meer water zijn geloosd dan door het hof was berekend. Hof Den Bosch moet de zaak nu verder behandelen.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u