Foutenleer niet van toepassing op ten onrechte niet belaste vrijval FOR
In verband met de beƫindiging van zijn onderneming op 31 december 1996 realiseerde een ondernemer stakingswinst. Tijdens zijn ondernemerschap had hij een oudedagsreserve opgebouwd. De vrijval daarvan verwerkte hij in zijn belastbare inkomen van dat jaar. De inspecteur hield daarmee bij het opleggen van de aanslag geen rekening. Hij corrigeerde deze vergissing met een verwijzing naar de zogenoemde foutenleer in 1998. De Hoge Raad stond dat niet toe. Volgens de Hoge Raad mag de inspecteur alleen met toepassing van de foutenleer een correctie aanbrengen als de oudedagsreserve ten onrechte is gehandhaafd. Daarvan was geen sprake, omdat de ondernemer de oudedagsreserve in 1996 liet vrijvallen, waardoor deze niet meer bestond. De inspecteur had verzuimd daarmee bij de vaststelling van de primitieve aanslag voor 1996 rekening te houden. Dat is iets anders dan het foutief handhaven van de oudedagsreserve na 1996. Er is volgens de Hoge Raad geen reden voor toepassing van de foutenleer in een later jaar.
In verband met de beƫindiging van zijn onderneming op 31 december 1996 realiseerde een ondernemer stakingswinst. Tijdens zijn ondernemerschap had hij een oudedagsreserve opgebouwd. De vrijval daarvan verwerkte hij in zijn belastbare inkomen van dat jaar. De inspecteur hield daarmee bij het opleggen van de aanslag geen rekening. Hij corrigeerde deze vergissing met een verwijzing naar de zogenoemde foutenleer in 1998. De Hoge Raad stond dat niet toe. Volgens de Hoge Raad mag de inspecteur alleen met toepassing van de foutenleer een correctie aanbrengen als de oudedagsreserve ten onrechte is gehandhaafd. Daarvan was geen sprake, omdat de ondernemer de oudedagsreserve in 1996 liet vrijvallen, waardoor deze niet meer bestond. De inspecteur had verzuimd daarmee bij de vaststelling van de primitieve aanslag voor 1996 rekening te houden. Dat is iets anders dan het foutief handhaven van de oudedagsreserve na 1996. Er is volgens de Hoge Raad geen reden voor toepassing van de foutenleer in een later jaar.