
Het Successierecht kende tot 1 januari 2010 drie tariefgroepen. Voor de indeling in een tariefgroep was de familieband met de overledene bepalend. Partners en kinderen vielen in tariefgroep 1. Broers en zusters vielen in tariefgroep 2. Kleinkinderen vielen in tariefgroep 1, maar in hun geval gold een opslag op het tarief. Dat werd aangemerkt met de aanduiding tariefgroep 1A.
In de bijlage bij een aangiftebiljet Successierecht stond ten onrechte dat op een verkrijging door broers tariefgroep 1A van toepassing was. Bij het opleggen van een aanslag Successierecht naar aanleiding van het overlijden van iemands broer paste de inspecteur tariefgroep 2 toe. De erfgenaam diende een bezwaarschrift in tegen de aanslag. Tegen de uitspraak op bezwaar ging hij in beroep. In navolging van de rechtbank zag Hof Den Bosch geen aanleiding om tariefgroep 1A toe te passen. De bijlage bij het aangiftebiljet bevatte inlichtingen van de belastingdienst en geen toezeggingen. Voor in rechte te honoreren opgewekt vertrouwen is vereist dat iemand niet alleen de wettelijk verschuldigde belasting moet betalen, maar ook schade lijdt doordat hij, afgaande op de onjuiste informatie, een handeling heeft verricht of nagelaten. Die situatie deed zich niet voor.
Wel vond het hof dat de belanghebbende door de verkeerde toelichting bij de aangifte op het verkeerde been was gezet. Daarom moest de inspecteur hem de griffierechten vergoeden.