Financiering deelnemingen geen bijkomende prestatie
Ondernemers hebben recht op verrekening van de betaalde btw met de door hen aan hun afnemers in rekening gebrachte btw. Voor zover ondernemers vrijgestelde prestaties verrichten hebben zij geen recht op aftrek van de betaalde btw. Ondernemers die zowel belaste als vrijgestelde prestaties verrichten moeten de voorbelasting splitsen. De belasting op goederen en diensten die niet hetzij uitsluitend voor belaste, hetzij uitsluitend voor vrijgestelde prestaties worden gebruikt, is voor een deel aftrekbaar. Dat deel wordt bepaald door een breuk waarvan de teller de belaste omzet is en de noemer de totale omzet.
De omzet van een BV over het jaar 2004 bestond uit belaste managementvergoedingen en uit onbelaste rentebedragen op vorderingen van de BV op deelnemingen in andere vennootschappen. De BV had in 2004 btw betaald die betrekking had op diensten van derden bij de verkoop van een deelneming. De vraag was welk deel van deze voorbelasting aftrekbaar was. De BV meende dat de financieringsactiviteiten slechts bijkomende prestaties waren. Volgens een arrest van het Hof van Justitie EG mag de omzet die met dergelijke bijkomende prestaties wordt behaald uit de noemer van de breuk worden geschrapt, waardoor een groter deel van de voorbelasting voor aftrek in aanmerking komt. Financiƫle handelingen die het rechtstreekse en duurzame verlengstuk van belastbare activiteiten vormen zijn niet bijkomstig van aard en moeten dus meegenomen worden in de noemer van de breuk. De rechtbank was van oordeel dat de financieringshandelingen onlosmakelijk waren verbonden met de managementactiviteiten voor de deelnemingen en dat zij een integraal onderdeel vormden van de hoofdactiviteiten van de BV. Dat betekende dat de financieringshandelingen niet als bijkomstig aan te merken waren. De daarmee gerealiseerde omzet was onderdeel van de noemer van de breuk om de aftrek van voorbelasting te berekenen.
Ondernemers hebben recht op verrekening van de betaalde btw met de door hen aan hun afnemers in rekening gebrachte btw. Voor zover ondernemers vrijgestelde prestaties verrichten hebben zij geen recht op aftrek van de betaalde btw. Ondernemers die zowel belaste als vrijgestelde prestaties verrichten moeten de voorbelasting splitsen. De belasting op goederen en diensten die niet hetzij uitsluitend voor belaste, hetzij uitsluitend voor vrijgestelde prestaties worden gebruikt, is voor een deel aftrekbaar. Dat deel wordt bepaald door een breuk waarvan de teller de belaste omzet is en de noemer de totale omzet.
De omzet van een BV over het jaar 2004 bestond uit belaste managementvergoedingen en uit onbelaste rentebedragen op vorderingen van de BV op deelnemingen in andere vennootschappen. De BV had in 2004 btw betaald die betrekking had op diensten van derden bij de verkoop van een deelneming. De vraag was welk deel van deze voorbelasting aftrekbaar was. De BV meende dat de financieringsactiviteiten slechts bijkomende prestaties waren. Volgens een arrest van het Hof van Justitie EG mag de omzet die met dergelijke bijkomende prestaties wordt behaald uit de noemer van de breuk worden geschrapt, waardoor een groter deel van de voorbelasting voor aftrek in aanmerking komt. Financiƫle handelingen die het rechtstreekse en duurzame verlengstuk van belastbare activiteiten vormen zijn niet bijkomstig van aard en moeten dus meegenomen worden in de noemer van de breuk. De rechtbank was van oordeel dat de financieringshandelingen onlosmakelijk waren verbonden met de managementactiviteiten voor de deelnemingen en dat zij een integraal onderdeel vormden van de hoofdactiviteiten van de BV. Dat betekende dat de financieringshandelingen niet als bijkomstig aan te merken waren. De daarmee gerealiseerde omzet was onderdeel van de noemer van de breuk om de aftrek van voorbelasting te berekenen.