Erfenis voor onderbetaalde huishoudelijke hulp viel onder werknemersvrijstelling successierecht
De erfenis, die een huishoudelijke hulp ontving van een van haar opdrachtgeefsters, was bij haar niet belast met successierecht. Gezien de lage beloning, die zij door de jaren had ontvangen en de toezegging, dat “het goed gemaakt zou worden” was naar het oordeel van Hof Den Bosch sprake van een natuurlijke verbintenis van de werkgever jegens de werknemer. Daarvoor geldt een vrijstelling in het successierecht, de zogenaamde werknemersvrijstelling. De werkzaamheden, die de huishoudelijke hulp verrichtte, waren in dienstbetrekking verricht.
De erfenis, die een huishoudelijke hulp ontving van een van haar opdrachtgeefsters, was bij haar niet belast met successierecht. Gezien de lage beloning, die zij door de jaren had ontvangen en de toezegging, dat “het goed gemaakt zou worden” was naar het oordeel van Hof Den Bosch sprake van een natuurlijke verbintenis van de werkgever jegens de werknemer. Daarvoor geldt een vrijstelling in het successierecht, de zogenaamde werknemersvrijstelling. De werkzaamheden, die de huishoudelijke hulp verrichtte, waren in dienstbetrekking verricht.