
Ondernemers voor de omzetbelasting die juridisch zelfstandig zijn, maar die financieel, economisch en organisatorisch nauw met elkaar verbonden zijn, kunnen samen als één belastingplichtige worden aangemerkt voor de omzetbelasting. De voorwaarde van verwevenheid geldt zowel in financieel als in organisatorisch en economisch opzicht. Is in een van die opzichten niet aan de voorwaarde voldaan, dan is er geen fiscale eenheid voor de omzetbelasting.
Verwevenheid in economisch opzicht houdt in dat de activiteiten hetzelfde doel hebben, bijvoorbeeld het bedienen van een gemeenschappelijke klantenkring, of dat de activiteiten van de één in hoofdzaak ten behoeve van de ander worden uitgeoefend.
Wanneer een ondernemer maximaal 25% van zijn activiteiten verricht ten behoeve van een andere ondernemer is niet voldaan aan het “in hoofdzaak”-criterium.