Correctie van teveel congreskosten als netto loon

Een medisch specialist was in loondienst bij zijn eigen BV. De specialistenpraktijk werd gedreven door een maatschap, waarvan de BV een van de maten was. De andere maat was de echtgenote van de specialist. De specialist bezocht in 1999 en in 2000 een congres in de Verenigde Staten. In 1999 reisden zijn echtgenote en zijn kinderen met hem mee. Het gezin verbleef in een gehuurde villa. De echtgenote bezocht het voor de specialisten bestemde deel van het congres niet maar zij en de kinderen namen deel aan het partnerprogramma. De inspecteur liet slechts een deel van de totale kosten in aftrek op de winst van de maatschap toe. Dat had gevolgen voor de winst van de BV. De kosten die betrekking hadden op de echtgenote en de kinderen werden niet in aftrek toegelaten maar als netto loonvoordeel in een aan de BV opgelegde naheffingsaanslag loonbelasting betrokken. In het jaar 2000 hadden de congreskosten alleen betrekking op de specialist zelf. Ook in dat jaar liet de inspecteur slechts een deel van de kosten in aftrek toe op de winst van de maatschap en betrok hij het verschil als netto looncorrectie in de naheffingsaanslag loonbelasting. Volgens Hof Leeuwarden kunnen de via het winstaandeel in de maatschap ten laste van de BV gekomen kosten van de reis in beginsel loon in natura vormen. Dat geldt ook voor de niet in aftrek toegestane kosten die betrekking hebben op de echtgenote, omdat het winstaandeel in de maatschap van de BV of de echtgenote door de belastingdienst juist was vastgesteld. De inspecteur vond dat sprake was van een vakantiereis en maakte deze stelling voldoende aannemelijk. Het enige zakelijke element in de reis werd gevormd door de deelname aan het specifieke vaktechnische deel van het oogartsencongres door de specialist. Wel was de correctie beperkt tot het maatschapsaandeel van de BV in deze kosten. Met betrekking tot de congreskosten over het jaar 2000 moest de inspecteur bewijzen dat de specialist een loonvoordeel had genoten. Volgens het Hof slaagde de inspecteur er niet in het bewijs te leveren. In een parallel lopende procedure voor het Hof nam de inspecteur het standpunt in dat de BV het betwiste deel van de congreskosten niet aannemelijk had gemaakt. Het Hof nam dat standpunt over. Omdat over het bedrag twijfel bestond kon dat bedrag niet als loonvoordeel in de loonheffing worden betrokken. De in de naheffingsaanslag betrokken looncorrectie over het jaar 2000 moest daarom vervallen.
Een medisch specialist was in loondienst bij zijn eigen BV. De specialistenpraktijk werd gedreven door een maatschap, waarvan de BV een van de maten was. De andere maat was de echtgenote van de specialist. De specialist bezocht in 1999 en in 2000 een congres in de Verenigde Staten. In 1999 reisden zijn echtgenote en zijn kinderen met hem mee. Het gezin verbleef in een gehuurde villa. De echtgenote bezocht het voor de specialisten bestemde deel van het congres niet maar zij en de kinderen namen deel aan het partnerprogramma. De inspecteur liet slechts een deel van de totale kosten in aftrek op de winst van de maatschap toe. Dat had gevolgen voor de winst van de BV. De kosten die betrekking hadden op de echtgenote en de kinderen werden niet in aftrek toegelaten maar als netto loonvoordeel in een aan de BV opgelegde naheffingsaanslag loonbelasting betrokken. In het jaar 2000 hadden de congreskosten alleen betrekking op de specialist zelf. Ook in dat jaar liet de inspecteur slechts een deel van de kosten in aftrek toe op de winst van de maatschap en betrok hij het verschil als netto looncorrectie in de naheffingsaanslag loonbelasting.
Volgens Hof Leeuwarden kunnen de via het winstaandeel in de maatschap ten laste van de BV gekomen kosten van de reis in beginsel loon in natura vormen. Dat geldt ook voor de niet in aftrek toegestane kosten die betrekking hebben op de echtgenote, omdat het winstaandeel in de maatschap van de BV of de echtgenote door de belastingdienst juist was vastgesteld. De inspecteur vond dat sprake was van een vakantiereis en maakte deze stelling voldoende aannemelijk. Het enige zakelijke element in de reis werd gevormd door de deelname aan het specifieke vaktechnische deel van het oogartsencongres door de specialist. Wel was de correctie beperkt tot het maatschapsaandeel van de BV in deze kosten.
Met betrekking tot de congreskosten over het jaar 2000 moest de inspecteur bewijzen dat de specialist een loonvoordeel had genoten. Volgens het Hof slaagde de inspecteur er niet in het bewijs te leveren. In een parallel lopende procedure voor het Hof nam de inspecteur het standpunt in dat de BV het betwiste deel van de congreskosten niet aannemelijk had gemaakt. Het Hof nam dat standpunt over. Omdat over het bedrag twijfel bestond kon dat bedrag niet als loonvoordeel in de loonheffing worden betrokken. De in de naheffingsaanslag betrokken looncorrectie over het jaar 2000 moest daarom vervallen.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u