Conclusie AG over aanvullend pensioen Europarlementariër

In een procedure voor Hof Amsterdam was in geschil of Nederland belasting mocht heffen over bestanddelen van de beloning, die een in Nederland wonend lid van het Europese Parlement ontving. In de jaren van haar lidmaatschap nam het parlementslid deel aan de aanvullende pensioenregeling van het Europese Parlement. Zij bracht de door haar betaalde premies voor het pensioenfonds in geen van de betreffende jaren in aftrek op haar inkomen. De bijdragen van het Europese Parlement aan het pensioenfonds vermeldde zij daarentegen niet als inkomsten. De belastingdienst legde navorderingsaanslagen inkomstenbelasting op waarbij de bijdragen van het Europese Parlement tot het belastbare inkomen werden gerekend. Volgens het Hof was dat niet juist en was de belastingheffing over de inkomsten als lid van het Europese Parlement op grond van de verdragen toegewezen aan België respectievelijk Frankrijk. Dat gold evenzeer voor de bijdragen aan de pensioenregeling. De staatssecretaris van Financiën is tegen de uitspraak van het Hof in cassatie gegaan. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad is van mening dat België en Frankrijk geen heffingsrechten hebben over de inkomsten die uit andere lidstaten afkomstige europarlementariërs ontvangen. Dat geldt zowel voor de hoofdbeloning als voor de aanvullende beloningen. Beide vormen van beloning vloeien voort uit de uitoefening van de diplomatieke taak. In die optiek heeft het Hof de opgelegde navorderingsaanslagen ten onrechte vernietigd.
In een procedure voor Hof Amsterdam was in geschil of Nederland belasting mocht heffen over bestanddelen van de beloning, die een in Nederland wonend lid van het Europese Parlement ontving. In de jaren van haar lidmaatschap nam het parlementslid deel aan de aanvullende pensioenregeling van het Europese Parlement. Zij bracht de door haar betaalde premies voor het pensioenfonds in geen van de betreffende jaren in aftrek op haar inkomen. De bijdragen van het Europese Parlement aan het pensioenfonds vermeldde zij daarentegen niet als inkomsten. De belastingdienst legde navorderingsaanslagen inkomstenbelasting op waarbij de bijdragen van het Europese Parlement tot het belastbare inkomen werden gerekend. Volgens het Hof was dat niet juist en was de belastingheffing over de inkomsten als lid van het Europese Parlement op grond van de verdragen toegewezen aan België respectievelijk Frankrijk. Dat gold evenzeer voor de bijdragen aan de pensioenregeling. De staatssecretaris van Financiën is tegen de uitspraak van het Hof in cassatie gegaan. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad is van mening dat België en Frankrijk geen heffingsrechten hebben over de inkomsten die uit andere lidstaten afkomstige europarlementariërs ontvangen. Dat geldt zowel voor de hoofdbeloning als voor de aanvullende beloningen. Beide vormen van beloning vloeien voort uit de uitoefening van de diplomatieke taak. In die optiek heeft het Hof de opgelegde navorderingsaanslagen ten onrechte vernietigd.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u