Compromis bindt partijen ondanks ondertekening na door wederpartij gestelde termijn
Een compromis tussen een belastingplichtige en de belastingdienst is een overeenkomst, die beide partijen bindt. De belastingplichtige was van mening, dat er geen overeenkomst tot stand was gekomen, omdat de uitdrukkelijke bepaling was opgenomen, dat het voorstel van de inspecteur door hem voor een zeker tijdstip moest zijn aanvaard. Hij ondertekende de overeenkomst enkele dagen later, terwijl de inspecteur een bijlage met cijfermatige uitwerking van de overeenkomst nog veel later ondertekende. Volgens Hof Arnhem is er een rechtsgeldige overeenkomst, omdat de inspecteur zich niet op de door hem aangebrachte tijdsbepaling heeft beroepen en de belastingplichtige de overeenkomst heeft ondertekend. De gestelde misleiding door de inspecteur wordt niet bewezen; de overeenkomst geeft duidelijk aan wat partijen willen regelen en op welke wijze zij dat doen. Verder stelt het Hof vast, dat de aanslag, die aanleiding tot de discussie is, tijdig is opgelegd door de belastingdienst. Dat heeft tot gevolg, dat partijen aan de overeenkomst zijn gehouden. De aanslag wordt daarom verminderd tot het in de overeenkomst genoemde bedrag.
Een compromis tussen een belastingplichtige en de belastingdienst is een overeenkomst, die beide partijen bindt. De belastingplichtige was van mening, dat er geen overeenkomst tot stand was gekomen, omdat de uitdrukkelijke bepaling was opgenomen, dat het voorstel van de inspecteur door hem voor een zeker tijdstip moest zijn aanvaard. Hij ondertekende de overeenkomst enkele dagen later, terwijl de inspecteur een bijlage met cijfermatige uitwerking van de overeenkomst nog veel later ondertekende. Volgens Hof Arnhem is er een rechtsgeldige overeenkomst, omdat de inspecteur zich niet op de door hem aangebrachte tijdsbepaling heeft beroepen en de belastingplichtige de overeenkomst heeft ondertekend. De gestelde misleiding door de inspecteur wordt niet bewezen; de overeenkomst geeft duidelijk aan wat partijen willen regelen en op welke wijze zij dat doen. Verder stelt het Hof vast, dat de aanslag, die aanleiding tot de discussie is, tijdig is opgelegd door de belastingdienst. Dat heeft tot gevolg, dat partijen aan de overeenkomst zijn gehouden. De aanslag wordt daarom verminderd tot het in de overeenkomst genoemde bedrag.