Buitenlandse anbi recht op gelijke behandeling

Tot 1 januari 2006 gold voor het algemeen nut beogende instellingen (anbi’s) een bijzonder tarief voor het schenkings- en successierecht van aanvankelijk 11% en later 8%. Sinds die datum zijn schenkingen aan en erfrechtelijke verkrijgingen door een dergelijke instelling vrijgesteld. Het bijzondere tarief gold alleen voor binnen Nederland gevestigde anbi’s. In het buitenland gevestigde anbi’s konden voor schenkingen en erfrechtelijke verkrijgingen een beroep doen op het bijzondere tarief als het land van vestiging een zogenaamde wederkerigheidsverklaring had afgelegd. Op grond van een dergelijke verklaring gold dan voor Nederlandse instellingen voor verkrijgingen uit dat land een gunstig tarief. Volgens Hof Den Haag vormt het tariefsonderscheid voor anbi’s op grond van hun vestigingsplaats een beperking van het kapitaalverkeer in de zin van het EG-verdrag. Beperkingen van het kapitaalverkeer zijn verboden, tenzij daar een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor bestaat. Anders dan het Hof meende is het niet afleggen van een wederkerigheidsverklaring geen rechtvaardiging voor een verschil in tarief. Het EG-verdrag verbiedt niet alleen Nederland, maar ook de andere lidstaten (in dit geval ging het om het Verenigd Koninkrijk) om verschil te maken tussen een binnenlandse en een buitenlandse anbi. Het EG-verdrag schrijft daarmee wederkerigheid voor, zodat het ontbreken van een wederkerigheidsverklaring op zichzelf geen rechtvaardigingsgrond voor een ongelijke behandeling kan opleveren. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof vernietigd en de aanslag verminderd met toepassing van het bijzondere tarief.
Tot 1 januari 2006 gold voor het algemeen nut beogende instellingen (anbi’s) een bijzonder tarief voor het schenkings- en successierecht van aanvankelijk 11% en later 8%. Sinds die datum zijn schenkingen aan en erfrechtelijke verkrijgingen door een dergelijke instelling vrijgesteld. Het bijzondere tarief gold alleen voor binnen Nederland gevestigde anbi’s. In het buitenland gevestigde anbi’s konden voor schenkingen en erfrechtelijke verkrijgingen een beroep doen op het bijzondere tarief als het land van vestiging een zogenaamde wederkerigheidsverklaring had afgelegd. Op grond van een dergelijke verklaring gold dan voor Nederlandse instellingen voor verkrijgingen uit dat land een gunstig tarief.
Volgens Hof Den Haag vormt het tariefsonderscheid voor anbi’s op grond van hun vestigingsplaats een beperking van het kapitaalverkeer in de zin van het EG-verdrag. Beperkingen van het kapitaalverkeer zijn verboden, tenzij daar een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor bestaat. Anders dan het Hof meende is het niet afleggen van een wederkerigheidsverklaring geen rechtvaardiging voor een verschil in tarief.
Het EG-verdrag verbiedt niet alleen Nederland, maar ook de andere lidstaten (in dit geval ging het om het Verenigd Koninkrijk) om verschil te maken tussen een binnenlandse en een buitenlandse anbi. Het EG-verdrag schrijft daarmee wederkerigheid voor, zodat het ontbreken van een wederkerigheidsverklaring op zichzelf geen rechtvaardigingsgrond voor een ongelijke behandeling kan opleveren. De Hoge Raad heeft de uitspraak van het Hof vernietigd en de aanslag verminderd met toepassing van het bijzondere tarief.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u