Berekening heffingsrente bij opleggen aanslag meer dan een jaar na indienen aangifte

Bij het opleggen van een aanslag inkomstenbelasting wordt heffingsrente in rekening gebracht over het positieve bedrag van de aanslag.

 

Een belastingplichtige diende zijn aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2005 in op 14 maart 2006. De inspecteur stelde de definitieve aanslagregeling in 2008 vast op een te betalen bedrag van € 526. Dat had te maken met een fout in de aangifte. Er werd € 50 heffingsrente in rekening gebracht. De belastingplichtige meende dat de inspecteur de definitieve aanslag binnen één jaar na afloop van het belastingjaar had moeten opleggen. In dat geval zou de heffingsrente slechts € 20 hebben bedragen.

 

De wet kent echter een termijn van drie jaar waar binnen de definitieve aanslag moet zijn opgelegd. De inspecteur moet voor het opleggen van een definitieve aanslag zorgvuldig kennis nemen van de inhoud van de aangifte en bij twijfel aan de juistheid daarvan een nader onderzoek instellen. De in de wetsgeschiedenis genoemde termijn van één jaar waarbinnen een definitieve aanslag zou moeten worden opgelegd is gezien de zorgvuldigheid die de inspecteur in acht moet nemen een streeftermijn.

Volgens de Hoge Raad was het in rekening brengen van heffingsrente over de periode van het onderzoek door de inspecteur het gevolg van de door de belastingplichtige gedane onjuiste aangifte. Er is geen rechtsbeginsel dat in een dergelijk geval de berekening van heffingsrente beperkt.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Bij het opleggen van een aanslag inkomstenbelasting wordt heffingsrente in rekening gebracht over het positieve bedrag van de aanslag. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Een belastingplichtige diende zijn aangifte inkomstenbelasting over het jaar <?xml:namespace prefix = st1 ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:smarttags" /><st1:metricconverter w:st="on" ProductID="2005 in">2005 in</st1:metricconverter> op 14 maart 2006. De inspecteur stelde de definitieve aanslagregeling in 2008 vast op een te betalen bedrag van € 526. Dat had te maken met een fout in de aangifte. Er werd € 50 heffingsrente in rekening gebracht. De belastingplichtige meende dat de inspecteur de definitieve aanslag binnen één jaar na afloop van het belastingjaar had moeten opleggen. In dat geval zou de heffingsrente slechts € 20 hebben bedragen. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De wet kent echter een termijn van drie jaar waar binnen de definitieve aanslag moet zijn opgelegd. De inspecteur moet voor het opleggen van een definitieve aanslag zorgvuldig kennis nemen van de inhoud van de aangifte en bij twijfel aan de juistheid daarvan een nader onderzoek instellen. De in de wetsgeschiedenis genoemde termijn van één jaar waarbinnen een definitieve aanslag zou moeten worden opgelegd is gezien de zorgvuldigheid die de inspecteur in acht moet nemen een streeftermijn. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">Volgens de Hoge Raad was het in rekening brengen van heffingsrente over de periode van het onderzoek door de inspecteur het gevolg van de door de belastingplichtige gedane onjuiste aangifte. Er is geen rechtsbeginsel dat in een dergelijk geval de berekening van heffingsrente beperkt.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u