Belastingheffing lijfrente van inwoner van Spanje
Een werknemer kreeg als compensatie voor het niet doorgaan van bepaalde organisatorische veranderingen van zijn werkgever een compensatie voor de door hem geleden pensioenbreuk en voor het prijsgeven van bepaalde rechten. De compensatie gebeurde in de vorm van een recht op periodieke uitkeringen ingaande op 55-jarige leeftijd ter grootte van € 28.588 per jaar. Deze compensatie viel onder de stamrechtvrijstelling in de loonbelasting. Met toepassing van de zogenaamde omkeerregeling werd de aanspraak niet belast, maar waren de uitkeringen belast. De werknemer verhuisde vervolgens naar Spanje. De vraag was of Nederland na de emigratie de lijfrente-uitkeringen mocht belasten.
Volgens de Nederlandse wetgeving is loon alles wat uit een (vroegere) dienstbetrekking wordt genoten. De compensatie vloeide voort uit de vroegere dienstbetrekking, die in Nederland was uitgeoefend. Omdat de aanspraak geen loon vormde waren de uitkeringen wel loon.
Verdragen die zijn gebaseerd op het OECD-modelverdrag bevatten een sluitende regeling voor de heffingsbevoegdheid van loon. De heffingsbevoegdheid over beloningen uit tegenwoordige arbeid is toegewezen aan de staat waar de arbeid is verricht. Het heffingsrecht kwam op grond van het verdrag toe aan Nederland.
Een werknemer kreeg als compensatie voor het niet doorgaan van bepaalde organisatorische veranderingen van zijn werkgever een compensatie voor de door hem geleden pensioenbreuk en voor het prijsgeven van bepaalde rechten. De compensatie gebeurde in de vorm van een recht op periodieke uitkeringen ingaande op 55-jarige leeftijd ter grootte van € 28.588 per jaar. Deze compensatie viel onder de stamrechtvrijstelling in de loonbelasting. Met toepassing van de zogenaamde omkeerregeling werd de aanspraak niet belast, maar waren de uitkeringen belast. De werknemer verhuisde vervolgens naar Spanje. De vraag was of Nederland na de emigratie de lijfrente-uitkeringen mocht belasten.
Volgens de Nederlandse wetgeving is loon alles wat uit een (vroegere) dienstbetrekking wordt genoten. De compensatie vloeide voort uit de vroegere dienstbetrekking, die in Nederland was uitgeoefend. Omdat de aanspraak geen loon vormde waren de uitkeringen wel loon.
Verdragen die zijn gebaseerd op het OECD-modelverdrag bevatten een sluitende regeling voor de heffingsbevoegdheid van loon. De heffingsbevoegdheid over beloningen uit tegenwoordige arbeid is toegewezen aan de staat waar de arbeid is verricht. Het heffingsrecht kwam op grond van het verdrag toe aan Nederland.