Belang niet verkleind door beperking zeggenschap

De Wet op de Vennootschapsbelasting bevat een sanctiebepaling die de aftrek van rente beperkt wanneer een vennootschap geld leent van een verbonden vennootschap voor de aankoop van de aandelen van een andere vennootschap die wordt opgenomen in een fiscale eenheid met de kopende vennootschap.

 

De aandeelhouders van een NV waren een vader voor 25% en zijn drie meerderjarige kinderen voor respectievelijk 17, 17 en 41%. Op grond van de statuten hadden alle aandeelhouders 25% van de stemrechten in de NV. De NV had twee 100%-dochtermaatschappijen. De aandelen van een van deze dochtermaatschappijen werden in gelijke delen verkocht aan de persoonlijke houdstervennootschappen van de kinderen. Deze voormalige dochtermaatschappij kocht vervolgens alle aandelen van de andere dochtermaatschappij van de NV. De koopsom werd schuldig gebleven aan de NV. De rente die de vroegere dochtermaatschappij hierover in het jaar 2004 betaalde, kwam volgens de rechtbank niet in aanmerking voor aftrek van de winst. Volgens de rechtbank was de NV een verbonden lichaam. Een van de kinderen had namelijk een belang van 41% in de NV. Dit kind had in de voormalige dochtermaatschappijen een belang van 33,33% via zijn persoonlijke houdstermaatschappij. Volgens de wettelijke definitie is sprake van een verbonden lichaam wanneer sprake is van een onderling belang van ten minste een derde gedeelte.

 

De Hoge Raad heeft het oordeel van de rechtbank bevestigd. Wanneer iemand een direct of indirect aandeel van ten minste een derde in het gestorte kapitaal heeft dat een derde gedeelte van het financiƫle belang vertegenwoordigt, is ook bij een beperking van de stemrechten tot minder dan een derde sprake van een verbonden lichaam.

<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Wet op de Vennootschapsbelasting bevat een sanctiebepaling die de aftrek van rente beperkt wanneer een vennootschap geld leent van een verbonden vennootschap voor de aankoop van de aandelen van een andere vennootschap die wordt opgenomen in een fiscale eenheid met de kopende vennootschap. </P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De aandeelhouders van een NV waren een vader voor 25% en zijn drie meerderjarige kinderen voor respectievelijk 17,<SPAN style="mso-spacerun: yes">&nbsp;</SPAN>17 en 41%. Op grond van de statuten hadden alle aandeelhouders 25% van de stemrechten in de NV. De NV had twee 100%-dochtermaatschappijen. De aandelen van een van deze dochtermaatschappijen werden in gelijke delen verkocht aan de persoonlijke houdstervennootschappen van de kinderen. Deze voormalige dochtermaatschappij kocht vervolgens alle aandelen van de andere dochtermaatschappij van de NV. De koopsom werd schuldig gebleven aan de NV. De rente die de vroegere dochtermaatschappij hierover in het jaar 2004 betaalde, kwam volgens de rechtbank niet in aanmerking voor aftrek van de winst. Volgens de rechtbank was de NV een verbonden lichaam. Een van de kinderen had namelijk een belang van 41% in de NV. Dit kind had in de voormalige dochtermaatschappijen een belang van 33,33% via zijn persoonlijke houdstermaatschappij. Volgens de wettelijke definitie is sprake van een verbonden lichaam wanneer sprake is van een onderling belang van ten minste een derde gedeelte.</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">&nbsp;</P>
<P style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt">De Hoge Raad heeft het oordeel van de rechtbank bevestigd. Wanneer iemand een direct of indirect aandeel van ten minste een derde in het gestorte kapitaal heeft dat een derde gedeelte van het financiƫle belang vertegenwoordigt, is ook bij een beperking van de stemrechten tot minder dan een derde sprake van een verbonden lichaam.</P>
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u