Activering en afschrijving opgeofferd bedrag pachtrecht toegestaan

Een vader en een zoon, die in een maatschap een veehouderij dreven, ontbonden de maatschap. De zoon zette de onderneming voort. Tot het maatschapsvermogen behoorde 4,9 ha weiland en een melkquotum. Het merendeel van de grond werd gepacht op basis van een aan de vader toekomend pachtrecht. De vader nam een gedeelte van het weiland over van de maatschap onder eenmalige verpachting aan de zoon voor twaalf jaar. In verband hiermee bracht de zoon een bedrag aan insteek pachtrechten (verschil tussen koopprijs vrij van pacht en koopsom verpacht) van ƒ 40.298 ten laste van zijn winst. De inspecteur stond activering en afschrijving niet toe. De veehouder berekende het bedrag van de insteek pachtrechten in een later stadium op ƒ 64.298. Daarbij ging hij uit van een onderbedeling bij het einde van de maatschap van 0,87 ha weiland met een waarde van ƒ 74.205. Dit door hem opgeofferde bedrag wilde hij in 12 jaar (de pachtduur) afschrijven.Volgens Hof Leeuwarden is het niet in strijd met goed koopmansgebruik om hetgeen een ondernemer voor het verkrijgen van een gebruiksrecht heeft opgeofferd als aanschaffingskosten te activeren en af te schrijven in de jaren waarin dit recht voor de onderneming nut afwerpt. Dat geldt ook wanneer een ondernemer land overdraagt onder de verplichting dit te pachten. Over de berekening van het opgeofferde bedrag bestond tussen partijen geen verschil van mening. De inspecteur weigerde echter de afschrijving wegens onzakelijk handelen van partijen. Naar het oordeel van het Hof slaagde de inspecteur er niet in het bewijs van onzakelijk handelen te leveren. Volgens een drietal verklaringen van bij de ontbinding van de maatschap betrokken onafhankelijke derden moest de zoon zich bij de ontbinding van de maatschap schikken naar de voorwaarden van zijn vader, omdat hij anders de onderneming niet zou kunnen voortzetten wegens pachtopzegging. Het Hof hechtte aan deze verklaringen meer waarde dan aan de verklaring van de vader, die stelde onzakelijk te hebben gehandeld. Volgens het Hof wist de vader dat hij bij zakelijk handelen over het door hem genoten voordeel van ƒ 64.298 belasting moest betalen.
Een vader en een zoon, die in een maatschap een veehouderij dreven, ontbonden de maatschap. De zoon zette de onderneming voort. Tot het maatschapsvermogen behoorde 4,9 ha weiland en een melkquotum. Het merendeel van de grond werd gepacht op basis van een aan de vader toekomend pachtrecht. De vader nam een gedeelte van het weiland over van de maatschap onder eenmalige verpachting aan de zoon voor twaalf jaar. In verband hiermee bracht de zoon een bedrag aan insteek pachtrechten (verschil tussen koopprijs vrij van pacht en koopsom verpacht) van ƒ 40.298 ten laste van zijn winst. De inspecteur stond activering en afschrijving niet toe. De veehouder berekende het bedrag van de insteek pachtrechten in een later stadium op ƒ 64.298. Daarbij ging hij uit van een onderbedeling bij het einde van de maatschap van 0,87 ha weiland met een waarde van ƒ 74.205. Dit door hem opgeofferde bedrag wilde hij in 12 jaar (de pachtduur) afschrijven.Volgens Hof Leeuwarden is het niet in strijd met goed koopmansgebruik om hetgeen een ondernemer voor het verkrijgen van een gebruiksrecht heeft opgeofferd als aanschaffingskosten te activeren en af te schrijven in de jaren waarin dit recht voor de onderneming nut afwerpt. Dat geldt ook wanneer een ondernemer land overdraagt onder de verplichting dit te pachten. Over de berekening van het opgeofferde bedrag bestond tussen partijen geen verschil van mening. De inspecteur weigerde echter de afschrijving wegens onzakelijk handelen van partijen. Naar het oordeel van het Hof slaagde de inspecteur er niet in het bewijs van onzakelijk handelen te leveren. Volgens een drietal verklaringen van bij de ontbinding van de maatschap betrokken onafhankelijke derden moest de zoon zich bij de ontbinding van de maatschap schikken naar de voorwaarden van zijn vader, omdat hij anders de onderneming niet zou kunnen voortzetten wegens pachtopzegging. Het Hof hechtte aan deze verklaringen meer waarde dan aan de verklaring van de vader, die stelde onzakelijk te hebben gehandeld. Volgens het Hof wist de vader dat hij bij zakelijk handelen over het door hem genoten voordeel van ƒ 64.298 belasting moest betalen.
Vestiging Wijk & Aalburg
Kortestraat 20
4261 AA Wijk en Aalburg

Vestiging Zaltbommel
Van Voordenpark 6c
5301 KP Zaltbommel

Openingstijden
Maandag t/m vrijdag 07:00 - 17:30u